29 oktober 2019

Column Lotte de Bruijn: ‘Crying wolf’

CYBERSECURITY, VERTROUWEN

Even een experimentje. Je opent je nieuwsapp en leest: “Security-onderzoekers waarschuwen: miljoenen smartphones kwetsbaar voor cybercriminelen”. Wat doe je? Laten we eerlijk zijn: de kans is groot dat je gedachteloos doorklikt naar de voetbaluitslagen of een sappig artikel over de laatste tweets van Trump. Dat is in ieder geval wat de gemiddelde Nederlander zou doen. En ik geef hem geen ongelijk. Want wat moet je met zo’n bericht? Hoe schat je dreiging voor jou persoonlijk in? En wat moet je doen om die weg te nemen?

Deze houding ten opzichte van cybersecurity is een bekend fenomeen. Het is verleidelijk om te denken dat het benoemen van problemen genoeg is om mensen in actie te krijgen. Maar de werkelijkheid blijkt een stuk weerbarstiger. Minister Grapperhaus benoemde het begin oktober bij de opening van de jaarlijkse maand van het ‘cyberbewustzijn’. Ondanks continue waarschuwingen van overheid en experts zijn mensen nog altijd niet voldoende bewust van cybersecurity, aldus de minister.

Toch zie ik het niet zo somber in. Het CBS bracht onlangs naar buiten dat bedrijven steeds meer cybersecuritymaatregelen nemen. En dat helpt, want het aantal incidenten is tegelijkertijd afgenomen. Met name het mkb maakt een inhaalslag. Zo is het gebruik van tokens voor authenticatie in een jaar tijd met bijna 10 procentpunt gestegen. En ook het jaarlijkse bewustzijnsonderzoek van Alert Online laat positieve cijfers zien. Zo schatten zeven op de tien Nederlanders in dat hun kennis over digitale veiligheid redelijk is. Een kwart denkt zelfs dat die goed tot zeer goed is.

In beleidsjargon heet dit van ‘onbewust onbekwaam’ naar ‘bewust bekwaam’. Samengevat: een kleine groep Nederlanders is nog onbewust onbekwaam. De meerderheid is zich bewust van het belang van digitale veiligheid en weet wat ze moeten doen. En een groeiende groep heeft die maatregelen ook daadwerkelijk genomen. Ik vraag me dan ook af of het nuttig is om te blijven hameren op de risico’s. Sterker nog, misschien werken al die negatieve berichten wel averechts.

Het is een les die ze onder andere in de gezondheidsvoorlichting en bij goede doelen al hebben geleerd. Als je alleen gevaren benoemt, zonder daarbij aan te geven wat je als individu concreet kunt doen, is de kans groot dat je boodschap wordt genegeerd. Grapperhaus waarschuwde zelf al voor ‘crying wolf’: zo vaak de noodklok luiden dat niemand meer luistert als het écht misgaat.

Wat kunnen we dan wel doen? Er lopen al voorlichtingscampagnes die gebruikers helpen met het nemen van concrete maatregelen. Laten we daar vooral mee doorgaan. Daarnaast is het belangrijk om te zorgen dat de juiste informatie bij de juiste mensen terechtkomt. Het NCSC en het Digital Trust Center spelen daarin een belangrijke rol. De wereld van digitale veiligheid is complex en bestaat uit vele schakels. Goede informatievoorziening helpt om door de bomen het bos te kunnen zien. Zo stellen we bedrijven ook in staat om snel te handelen en op hun beurt hun gebruikers te informeren.

Dat klinkt misschien wat saai en weinig urgent, maar wie zegt dat cybersecurity spannend moet zijn? Het is hoog tijd dat we ons wat minder blindstaren op de wolf en meer kijken naar ons eigen gedrag.